Ik wil geen therapie, ik wil gewoon blij zijn!

Ik wil geen therapie, ik wil gewoon blij zijn!

Als je nadenkt over zwanger zijn, je bevalling of de periode na de bevalling, denk je aan van alles maar meestal niet aan dat je somber kunt zijn. Angst kunt hebben. Of dat de bevalling zo’n hel was, dat je nergens anders aan kunt denken. En dat het je blije gevoel omdat je baby er is, overheerst.

Je wilt deze gevoelens niet hebben en de meeste vrouwen duwen ze dan ook keihard weg.

Daar weet ik alles van.

Ik ontwikkelde een depressie na de geboorte van mijn derde zoon. Ik werkte al meer dan 10 jaar als moeder-kind specialist en kan mezelf dus niet wijsmaken dat ik de symptomen niet herkende. Ik deed gewoon alsof ze er niet waren.

Eigenlijk was ik gewoon ‘een gewone moeder’, ik wilde niet accepteren dat ik klachten had en dat ze niet vanzelf over gingen maar eigenlijk alleen maar erger werden.

Ik had wel gemerkt dat het hechten aan mijn nieuwe baby wat vertraagd verliep. Ik was helemaal dol op hem, gaf hem borstvoeding, zorgde vol plezier voor hem en besteden hem zeker niet uit. Ik snapte ook wel dat mijn gevoelens van verbinding en zeker weten dat hij bij mij hoort en bij mij zou blijven ook met vertraging op gang kwam. Mijn vorige baby was namelijk een week na de geboorte onverwachts ziek geworden en overleden. Dus deze baby, hoe gezond hij ook ter wereld was gekomen, moest eerst maar eens in leven blijven.

Dus mijn eerste klachten heb ik met logica verklaard.

Een week of 8 na de geboorte van mijn mannetje ontwikkelde ik slaapproblemen. Daarvoor sliep ik namelijk gebroken. De baby wilde elke paar uur aan de borst en vond soms ’s nachts slapen niet zo nodig.

Toen hij echter langer aaneengesloten ging slapen, werd ik panisch wakker na een uur of 2 à 3 slaap. Ik ging dan kijken ‘of hij het nog deed’. En oef wat was hij dan stil en witjes in zijn diepe slaap. Ik bleef kijken, speurend naar een teken van leven. Of ik maakte hem wakker voor een voeding. Daarna sliep hij heerlijk door en bleef ik wakker. Mijn hoofd stond dan namelijk ‘aan’.

Dan maar was vouwen, beneden schoonmaken, werk bijwerken en later studeren. Want als ik toch niet sliep kon ik er best een studie bij doen. Bovendien had ik nu de mogelijkheid gekregen om de opleiding te volgen die ik al jaren graag wilde.

Onze baby ontwikkelde voorbeeldig. Al vonden wij het wel gek dat hij nog steeds niet doorsliep. Dat ik telkens zijn diepe slaap verstoorde wist mijn man niet en achteraf bezien, had ik zelf ook niet door dat ik dat deed. Ik handelde namelijk niet uit bewustzijn maar uit angst.

Ondertussen werd ik erg slank, tot jaloezie van mijn vriendinnen. 😉

Ik was toenemend ontevreden en snel boos.

Mijn onzekerheid en perfectionisme namen toe. Ik had onwijs last van wisselende emoties. Mijn lief wist nooit hoe hij mij aantrof.

Ik kreeg vage lichamelijk klachten; had het altijd koud en kon mijn benen niet goed stil houden.
En ik maakte met iedereen ruzie. Was snel geërgerd en voelde me te kort gedaan.

Langzaam ontstonden er ook doodsgedachten. Maar ja, redeneerde ik, iedereen wil toch wel eens dood en bovendien ga ik dan naar mijn overleden zoontje toe. Dus zo gek is deze gedachte niet.

Natuurlijk heb ik hulp gezocht. Bij de huisarts, die het niet wist en mij naar een tekentherapeute stuurde. Bij haar moest ik mijn gezin van herkomst tekenen. Toen ik vol in de weerstand schoot, omdat zij bij tekening 1 benoemde dat ik me er wel erg makkelijk van af had gemaakt, was het contact snel verbroken. Dat lag natuurlijk niet aan mij, maar aan haar ontactische onkunde…

Daarna ging ik naar een psychologe. Ze luisterde naar mijn verhaal en liet me beginnen met Cognitieve Gedragstherapie. Braaf vulde ik de schema’s in, maar het gaf mij geen inzicht of hulp. Mijn verstand deed  het wel. Ik kon heel goed mijn gedachten analyseren en uitdagen, maar beter ging ik mij er helaas niet door voelen. Toen ik vertelde dat ik doodsgedachten had, wist zij niet hoe zij hier inhoudelijk op moest reageren en viel het gesprek stil. Ze stelde dat zij mij hierin niet verder kon helpen en de behandeling ten einde kwam.

Er kwam geen advies voor een andere hulpverlener.

En ik? Ik was er inmiddels helemaal klaar mee! Ik wilde geen therapie meer, ik wilde gewoon blij en gelukkig zijn.

Als er 1 ding was, wat ik op dat moment zeker wist, was dat geen hulpverlener mij begreep of kon helpen. Achteraf natuurlijk een kenmerk van somberheid op zich: ‘het gaat nóóit meer over.

Maar iets zeker weten is de vijand van verandering. Ik wilde dan ook niet veranderen maar zekerheid.

In therapie gaan is het opgeven van je zekerheid. Doodeng dus.

Wat therapie mij tenslotte heeft opgeleverd en ook jou kan opleveren is dat iemand je echt verstaat, je begrijpt. Woorden geeft aan je gevoelens. Je je minder alleen voelt. Je het aandurft om te kunnen veranderen. Om te kunnen verbinden met jezelf, met je angsten, onzekerheden en verlies. Om uiteindelijk meer zekerheid met jezelf te hebben.

Wil jij veranderen? Wil je loskomen uit je illusie van pijn, verdriet, teleurstelling? Neem dan contact met mij op.

Uiteindelijk, toen hetécht niet meer ging en ik op de rand van het ravijn stond, heb ik iemand in vertrouwen genomen die voor mij de beste hulpverlener heeft weten te vinden die ik op dat moment had kunnen treffen. Ik denk dat zij mijn leven heeft gered. En dat ik pas sindsdien de moeder ben die ik wil zijn. De Loes ben die ik wil zijn.

Mijn baby was toen al 2 jaar! 2 jaar lang heb ik verdragen, verstopt en ben ik afgegleden. En dat is voor mij een lijdensweg geweest en ook voor mijn mooie mannen.

Het is 1 jaar en 11 maanden te lang geweest.

Maak jij voor jezelf en je geliefden alsjeblieft een andere keus!

Misschien is voor jou de cursus “Herstellen na de bevalling” wel een goede eerste stap. Hier vind je meer informatie.

Deze post heeft een reactie

  1. Wat ben je toch een mooie vrouw, Loes! En wat fijn dat je gebleven bent!

Geef een reactie

zes + tien =

Sluit Menu